Een bouwvakker kwam onlangs om het leven tijdens sloopwerkzaakheden van een voormalige seniorenflat in Nijmegen. Het slachtoffer viel vermoedelijk vanaf een balkon op de negende verdieping en kwam daarbij terecht in een container. De Forensische Opsporing en de Nederlandse Arbeidsinspectie zijn een onderzoek gestart.
Dit ongeval is het zoveelste incident waarbij vallen van hoogte een rol speelt. Vallen van hoogte is nog altijd het grootste arbeidsrisico. In de Monitor Arbeidsongevallen 2024 meldt de Arbeidsinspectie 2.100 slachtoffers van arbeidsongevallen, van wie er 58 overleden. Ruim een derde van de ongevallen had een val als oorzaak.
Valbeveiliging, waar let je op?
Persoonlijke valbeveiliging is een beheersmaatregel binnen de arbeidshygiënische strategie. Waar moet de veiligheidskundige op letten bij de afweging, invoering en borging van valbeveiliging? En hoe zorg je dat deze maatregel in de praktijk ook veilig wordt gebruikt?
"Het beste is om valgevaar door bronaanpak te voorkomen", zegt Dirk van Blijswijk, expert werken op hoogte en manager Expertisecentrum Mennens Nederland. "Maak gebouwen of installaties in de ontwerpfase zo dat er tijdens onderhoudswerk helemaal geen valgevaar bestaat. Dit is zelfs verplicht, maar in de praktijk zien we dit nog niet altijd terugkomen", zegt hij.
Als uit een risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) blijkt dat er bij het werk valgevaar bestaat, dan is een werkgever volgens Arbobesluit 3.16 verplicht maatregelen te nemen om een val te voorkomen. Van Blijswijk: "Dus niet pas vanaf 2,5 meter hoogte, zoals veel mensen denken. Er is sprake van werken op hoogte als een val kan leiden tot letsel. Als je door een gat in een vloer anderhalve meter valt, kan je ook lelijk terechtkomen."
Eerst collectief, dan pas persoonlijk
Bij valgevaar gaan collectieve maatregelen altijd boven persoonlijke valbeveiliging. Collectieve maatregelen zijn bijvoorbeeld hekwerken, leuningen, kooiladders of vangnetten die een werkgever op de werkplek moet aanbrengen. Van Blijswijk: "Met collectieve maatregelen kun je een volledige werkplek voor iedereen veilig maken. Daar hebben werknemers ook geen training voor nodig."
Pas als collectieve maatregelen aantoonbaar niet mogelijk zijn, komt persoonlijke valbeveiliging in aanmerking, als laatste redmiddel. Advies over persoonlijke valbeveiliging kan het verschil maken tussen leven en dood.
Persoonlijke valbeveiliging bestaat volgens Van Blijswijk altijd uit 3 vaste onderdelen: Anchor (ankerpunten), Bodysupport (harnassen) en Connecting Devices (verbindingsmiddelen). "Dat noemen we het ABC van persoonlijke valbeveiliging", zegt hij (zie kader).
TRA voor keuze valbeveiliging en reddingsplan
Een juiste keuze begint volgens hem met het in kaart brengen van de werkzaamheden met een Taak Risico Analyse (TRA). Van Blijswijk: "Stel jezelf de vraag: wat gaan we doen? En met welke middelen gaan we dat doen in deze specifieke situatie? Zijn er vaste ankerpunten die we kunnen gebruiken, of niet? Hoe hoog zitten de eventuele ankerpunten? Welk harnas is het meest geschikt voor de duur van het werk? Welk verbindingsmiddel moeten we gebruiken tussen het ankerpunt en het harnas? Een specialist in persoonlijke valbeveiliging kan jou alsveiligheidskundige helpen daarbij de juiste keuzes te maken."
Maar je advies gaat niet alleen over de keuze van persoonlijke valbeveiligingsmiddelen. Want het zal maar een keer misgaan. Dan moet iedereen weten hoe ze moeten handelen, zegt Van Blijswijk.
"Daarom moet je in je TRA ook nadenken over een reddingsactie als iemand is gevallen en in het harnas hangt. Je mag niet verwachten dat de bedrijfshulpverlening van bijvoorbeeld een school waar een bedrijf op het dak werkt, iemand snel naar beneden krijgt. Je moet vooraf een reddingsplan hebben, inclusief de daarop afgestemde reddingsmaterialen."
Denk ook aan training en onderhoud
Het ABC van persoonlijke valbeveiliging kun je daarom aanvullen met de D van Descent (afdalen/redding) en de E van Education (opleiding), stelt Van Blijswijk. "Bij werk met persoonlijke valbeveiliging moet een gebruiker altijd met een collega werken."
Daarnaast is het verplicht om werknemers vooraf instructie te geven over het gebruik van de valbeveiliging, een categorie 3 persoonlijk beschermingsmiddel. "Een werkgever mag zelf instructie geven. Maar het is raadzaam om een werkgever te adviseren daarvoor een specialist te zoeken die werknemers een goede, gedegen training kan geven."
Het is de verantwoordelijkheid van de werkgever dat verstrekte valbeveiliging aan de kwaliteitseisen voldoet. Dat betekent dat het onderhoud van het materiaal op orde moet zijn. De EN 365-norm stelt dat valbeveiliging ten minste eens per 12 maanden visueel geïnspecteerd moet worden door 'een competent persoon'. Complexe onderdelen, zoals grote valstelblokken, mag alleen iemand controleren die door de fabrikant is opgeleid. De werkgever blijft altijd verantwoordelijk voor een goede registratie van de inspecties.
Tijdige keuringen én zelf controleren
Als veiligheidskundige kun je toezien op tijdige keuringen. Controleer de sticker met keuringsinformatie op de materialen. Van Blijswijk: "Een sticker waar 'geldig tot' op staat, kan niet. Want een dag na keuring kan het materiaal al gevaarlijk beschadigd raken. Op een sticker hoort altijd de volgende keuringsdatum te staan."
Daarnaast is de werknemer verplicht de materialen ook zelf vooraf te controleren op mogelijke slijtage. "Dat is nog iets wat een gebruiker leert in een goede training. Als een valindicator na een val kapot is, mag het materiaal niet meer worden gebruikt." Maken meer werknemers gebruik van dezelfde set, dan moet de werkgever de uitgifte en inname van materialen registreren. "Dat gebeurt te weinig", aldus Van Blijkswijk.
Bewust van noodzaak, betrokken bij keuze
Volgens de valexpert is het belangrijk dat iedereen in het bedrijf 'aanhaakt'. Dit betekent dat er binnen een bedrijf een veiligheidscultuur heerst waarin werkgever en werknemers zich bewust zijn van de noodzaak en het juiste gebruik van de middelen. "Soms beschikken werknemers over goede materialen, maar gebruiken ze die niet. Terwijl niemand zonder goede adembescherming een besloten ruimte betreedt waar mogelijk gassen aanwezig zijn. Maar het gevaar van vallen wordt onderschat."
In trainingen gebruikt Van Blijswijk de metafoor van plat op je buik vallen op water bij het leren duiken. "Iedereen weet dat dit pijn doet en niemand wil dit nog eens. Maar we werken bijvoorbeeld wel ongezekerd op een carport en denken dan niet aan de mogelijk hoge impact van een val en de gevolgen daarvan."
Hij adviseert daarom om werknemers in een vroeg stadium te betrekken bij de keuze van persoonlijke valbeveiliging voor werkzaamheden. "Medewerkers zijn dan veel gemotiveerder om die spullen te gebruiken, omdat ze er zelf over hebben kunnen meedenken."
Valbeveiliging integraal borgen in bedrijf
Goede persoonlijke valbeveiliging gaat volgens Van Blijswijk om een combinatie van zaken. Namelijk de juiste materialen voor het werk, goed onderhoud, gedegen training van gebruikers en bewustwording van nut en noodzaak bij werkgever en werknemers. "Je moet valbeveiliging integraal borgen binnen het bedrijf."















